Het plaatje moet helemaal kloppen
Weba schakelt binnenvaart in

Elias Couvreur, bestuurder bij Weba: “In tegenstelling tot wat algemeen gepercipieerd wordt, is binnenvaart voor ons niet duurder dan wegtransport. Waar we wel rekening mee moeten houden, is de iets lagere flexibiliteit.”
De shift van wegvervoer naar binnenvaart draagt bij tot een duurzamer en gediversifieerd transport. Tegelijk brengt ze ook nieuwe praktische en budgettaire vraagstukken met zich mee. Toen Weba die stap recent zette, ging het management niet over één nacht ijs. “We botsten lange tijd op verschillende hindernissen. Nu die zijn weggewerkt, oogt de balans voor ons wel positief”, stelt bestuurder Elias Couvreur.
Weba is een Belgische meubeldiscounter die zijn klanten via vier winkels en een webshop bedient. “We staan voor een breed en kwalitatief assortiment tegen scherpe prijzen”, zegt Elias Couvreur. “Om die profilering trouw te blijven, kunnen we een eventuele meerprijs voor duurzaam transport niet aan onze klanten doorberekenen. De zoektocht naar duurzame oplossingen zit in ons DNA, maar valt dus niet commercieel te verzilveren. Op het vlak van transport staan we open voor alle mogelijkheden om onze ecologische voetafdruk te verlagen, maar moet ook het financiële plaatje goed zitten.”
Duurzaamheid en risicospreiding
De productie van het Weba-assortiment kunnen we in drie geografische hoofdgroepen afbakenen. Ongeveer een derde van de productie vindt in België plaats, een ander derde in Europa en nog eens een derde in het Verre Oosten.
Elias Couvreur: “Voor de eerste twee categorieën geniet wegtransport de voorkeur. De producten uit Azië bereiken de haven van Antwerpen met containerschepen. Tot voor kort overbrugden we ook de afstand tussen de haven en onze vestigingen volledig met wegtransport.”
Elias Couvreur zag evenwel verschillende redenen om voor een deel van die stromen de shift naar de binnenvaart te maken. “Uiteraard treedt de CO2-uitstoot op de voorgrond, die met 39 procent vermindert door met binnenvaart te werken”, licht hij toe. “Daarnaast neemt het aantal wegkilometers met 92 procent af. Maar we beschouwen het ook als een vorm van risicospreiding. Wanneer je alle leveringen met vrachtwagens uitvoert, ben je volledig blootgesteld aan de actuele omstandigheden in en om de haven. Bij een staking of congestie zit alles dan strop. Aangezien de supply chains almaar sterker en vaker verstoord worden, is het goed om dan een alternatief voorhanden te hebben.”
Elias Couvreur: “Uiteraard treedt de CO2-uitstoot op de voorgrond, maar we beschouwen het ook als een vorm van risicospreiding.”
Cruciale rol rederij
Weba toonde al geruime tijd de intentie om de binnenvaart in te schakelen. “We onderzochten al meermaals de mogelijkheden, maar botsten op verschillende hinderpalen”, aldus Elias Couvreur. “Alles begint bij de rederijen en de forwarders. Wanneer zij niet mee willen, zal er niets gebeuren. Ik vermoed dat vooral de grotere complexiteit hen afschrikt. MSC (Mediterranean Shipping Company) heeft die deur nu wel geopend. Ook de tijdssloten voor de afhaling van de containers in de binnenhavens, zoals bij Stukwerkers in Gent, zijn verruimd. Nog een belangrijk punt is het toegenomen aantal vaarbewegingen van de binnenvaartschepen. Dat is voor ons belangrijk, aangezien wij niet over de capaciteit beschikken om bijvoorbeeld dertig containers in een keer te lossen. Bovendien moet je ook rekening houden met de beperkte vrije periode waarin je de lege container opnieuw moet afleveren.”
Toen de verschillende drempels eenmaal waren weggewerkt, stond niets de modal shift bij Weba nog in de weg. “In tegenstelling tot de heersende perceptie, is binnenvaart voor ons niet duurder dan wegtransport. Waar we wel rekening mee moeten houden, is de iets lagere flexibiliteit”, aldus Elias Couvreur. “Zo duurt het nu een week langer voordat producten ons bereiken. Dat vergt enige aanpassing, maar is niet onoverkomelijk. In aanloop naar de koopjesperiode opteren we wel voor meer wegtransport, aangezien tijd dan een crucialere rol speelt. Een ander aspect is de wendbaarheid. In het geval van wegtransport kunnen we nog kort vooraf beslissen om een bepaalde container naar een ander magazijn te vervoeren. Bij binnenvaart neem je een beslissing een week voordat het containerschip aanmeert. Die keuze is onomkeerbaar.”
Ketenregisseur
Vandaag bereikt ongeveer zeventien procent van de containers uit het Verre Oosten Weba via de binnenvaart. “Dat faciliteren we zowel in Gent als in Genk (voor Weba Tongeren). Voor Deinze en Bergen staan we daar evenzeer voor open. De ruimte is beschikbaar, maar de afstand tussen de binnenhavens en de vestigingen mag niet te groot zijn. Moet je nog vele tientallen kilometers rijden, dan vallen de argumenten om voor binnenvaart te opteren weg.”
Elias Couvreur wijst op de rol van Multimodaal.Vlaanderen binnen het project. “De experts zaten mee rond de tekentafel. Ze verenigden forwarders en transporteurs om zoveel mogelijk containers te verschepen via de terminal van Stukwerkers in North Sea Port (Gent). We genoten verder ook praktische ondersteuning. Want het uitwerken van zo’n oplossing vergt tijd, kennis en inspanningen, terwijl wij ons uiteraard vooral op onze kernactiviteiten focussen.”
Decentrale opslag
Weba hanteert bewust een decentraal opslagmodel. “We beschikken niet over een centraal magazijn, maar leveren rechtstreeks aan de magazijnen bij onze winkelpunten”, verduidelijkt de bestuurder. “Dat sluit aan bij ons afhaalmodel, waarbij we de klant stimuleren zo veel mogelijk zelf op te pikken. Meer dan 85 procent van onze klanten komt zelf alles afhalen. We stellen daartoe onder meer bestelwagens (die we aan het elektrificeren zijn) en een elektrische cargofiets ter beschikking. Elke vestiging beheert haar eigen logistieke afhandeling, terwijl we bestellingen via het centrale ERP-pakket aansturen. Aangezien te veel voorraad nefast is voor een meubelzaak, zetten we sterk in op accurate voorspellingen en bestelvolumes. Daar zie ik in de toekomst ook een cruciale rol voor artificiële intelligentie weggelegd.”
Voor een B2C-onderneming als Weba weegt duurzaamheidsrapportering minder zwaar door. “We wonnen recent de Becom Awards, waarmee klanten ons erkenden voor onze duurzame benadering. Dat is uiteraard een mooie erkenning, maar ik denk niet dat onze duurzamere transportmodi meteen extra verkopen genereren”, meent Elias Couvreur. “In tegenstelling tot bij B2B-ondernemingen verwacht de klant van ons geen gedetailleerde rapportering. Toch hebben we daartoe in het kader van de CSRD-regelgeving de nodige processen opgezet. Nu die wetgeving via de Omnibus-richtlijn is weggevallen, zijn we niet langer rapporteringsplichtig, maar het is uiteraard wel interessant om die data ter beschikking te hebben. Al vind ik tegelijk dat ondernemingen vandaag veel tijd aan rapportering moeten besteden terwijl ze die tijd en inspanningen wellicht beter voor concrete acties kunnen aanwenden.”
Wat met spoorvervoer?
Weba ziet nog verschillende manieren om zijn ecologische voetafdruk te verkleinen.
E. Couvreur: “Binnenkort verbouwen we onze winkel in Deinze. Daar zullen we alle gasverwarming inruilen voor warmtepompen. Wat het transport betreft, kijk ik ook in de richting van het spoor, al oogt het plaatje daar nog complexer. Het zou ook ingrijpende veranderingen in de hele keten teweegbrengen. Nu leveren Europese producenten hun goederen bij onze magazijnen in België. In het geval van spoorvervoer zouden we onze leveranciers moeten vragen over te schakelen op het spoor of we horen het transport zelf in handen te nemen. Dat zou dan op zijn beurt weer nieuwe uitdagingen met zich meebrengen.”
KD
Premium
Deze inhoud is enkel leesbaar voor ingelogde Value Chain abonnees.
Heeft u een abonnement op het Value Chain informatiepakket? Meldt u aan via onderstaande knop en lees het gewenste artikel of magazine online.