Achter de schermen van de militaire logistiek

“Altijd effectief en waar mogelijk efficiënt”

IMG_7346

Generaal-majoor Katrien D’Hert: “Geen enkele defensieorganisatie kan alle logistieke operaties volledig eigenhandig uitvoeren. Daarom is het devies binnen de logistiek: militair waar nodig, civiele ondersteuning waar mogelijk.”

‘Logistiek is van levensbelang.’ Die stelling geldt voor elke onderneming en organisatie, maar bij Defensie mag je ze ook letterlijk nemen. Door de almaar toenemende geopolitieke instabiliteit zijn de logistieke uitdagingen bovendien alleen maar toegenomen. Generaal-majoor Katrien D'Hert geeft ons een blik achter de schermen. “Just in time is in bedrijfsmiddens misschien een streefdoel, maar voor militaire logistiek zou het de doodsteek betekenen.”

Katrien D’Hert staat binnen Defensie bekend als de ‘moeder van de logistiek’. Die titel dankt ze aan haar expertise en daadkracht, die ze binnen elke opdracht etaleert. De voorbije jaren vertolkte ze sleutelrollen bij operaties van groot militair en maatschappelijk belang. Zo leidde ze tijdens de coronapandemie het logistieke beheer van medisch beschermingsmateriaal in goede banen en hielp ze op Europees niveau de logistieke steun aan Oekraïne te stroomlijnen. Sinds een jaar zet ze mee de krijtlijnen uit van een toekomstgerichte logistiek binnen Defensie.

Ze verduidelijkt: “Op strategisch vlak vormen verdediging, ‘enablement’ (ondersteuning en mobiliteit) en ‘resilience’ (weerbaarheid) drie belangrijke pijlers. Daarbij ben ik onder meer medeverantwoordelijk voor het opstellen en uitvoeren van het Nationaal en Militair Enablement-plan. Dat plan omschrijft de rol van België als land en de rol van Defensie om in opdracht van dat land te fungeren als zend-, ontvangst- en transitland. Onze zendfunctie verwijst naar het uitsturen van militairen naar het buitenland, inclusief het opzetten en onderhouden van de logistieke ketens om de herbevoorrading van onze troepen te verzekeren. Daarnaast fungeren we als gastland voor geallieerde eenheden die via Belgische havens Europa binnenkomen, hier trainen of gestationeerd zijn, en als transitland voor troepen en materieel op doortocht. Tot slot zetten we in op de verdediging van de eigen bevolking.”

D’Hert ziet in logistiek ook een rol als afschrikkingsmiddel. “Je moet je militaire tegenstander voldoende angst inboezemen. Dat heeft, naast militaire capaciteiten, evenzeer met logistiek te maken. Als je je logistiek niet op orde hebt, kun je geen operaties volhouden en is er geen afschrikking.”

Forget logistics, you lose
Voor elk van die elementen is logistieke ondersteuning onontbeerlijk. “Enablement vormt op zich nooit een doelstelling, het gaat er altijd om operaties te faciliteren en te ondersteunen. Dat maakt onze rol evenwel niet minder cruciaal.” Het verzekeren van een ononderbroken supplychain staat altijd voorop. “Want zonder een goed georganiseerde bevoorrading en verplaatsing van mensen en materieel falen zelfs de beste strategieën en tactieken. Of zoals het credo in militaire kringen luidt: ‘Forget logistics, you lose’.

Tot voor enkele jaren heeft ons land Defensie vooral afgebouwd. De focus lag toen vooral op Crisis Response Operations (CRO) in binnen- en buitenland: de inzet en coördinatie van militaire middelen en personeel om te reageren op onverwachte dreigingen, rampen of ernstige crisissen. Door de groeiende geopolitieke instabiliteit ligt de aandacht nu veel sterker op collectieve verdediging of de rechtstreekse militaire bescherming van de landen binnen het NAVO-bondgenootschap.”

Die transformatie beïnvloedt het logistieke luik. “In geval van Crisis Response ligt de focus van de operaties en bijbehorende trainingsopdrachten vaak buiten Europa, zoals in Afrika. Dan opereren we vanuit een afgeschermd militair gebied of compound. Onze rol blijft dan hoofdzakelijk beperkt tot de logistiek in de compound. Ter plaatse kun je terugvallen op de infrastructuur en voorzieningen van die compound. Bij collectieve verdediging richten we zelf de volledige logistieke ketens in richting de NAVO-buitengrenzen”, klinkt het.

IMG_7337

Katrien D’Hert: “Logistiek is een levenslijn voor elke operatie. Wanneer de vijand erin slaagt om je bevoorradingslijnen af te snijden, raak je al snel in de problemen.”

Militaire-civiele samenwerking
Net als in ondernemersmiddens vormt planning een cruciale succesfactor. “We maken gebruik van wat wij ‘concepten’ noemen: een soort draaiboek of doctrine met heldere krijtlijnen. Ze leggen onder meer binnen elk logistiek domein de vereiste stockniveaus vast. De NAVO-vereisten bieden in dat opzicht een heldere leidraad. Die concepten passen we uiteraard telkens aan in functie van de specifieke opdrachten.”

Om de logistiek efficiënt in te richten, werkt Defensie nauw samen met civiele partijen. “Geen enkele defensieorganisatie kan alle logistieke operaties volledig eigenhandig uitvoeren. Daarom zetten we voor operaties die zich niet rechtstreeks aan het front afspelen maximaal in op civiele ondersteuning. Een mooi voorbeeld is de ontvangst van buitenlandse partners in onze havens. Want wanneer een brigade in ons land neerstrijkt, spreken we al snel over 7.500 militairen, 2.500 voertuigen en een resem containers. De vereiste capaciteit op het vlak van onder meer garages, parkings, logement, voedsel en douches is aanzienlijk. Veeleer dan die voorzieningen zelf neer te planten, is het interessanter om burgerpartijen in te schakelen. Zij beschikken over capaciteit en mogelijk ook ervaring en expertise binnen een bepaald deeldomein. Gezien de grote omvang van onze operatie, verenigen bedrijven zich in de meeste gevallen tot een consortium.”

“De focus is verlegd van Crisis Response naar collectieve defensie.”

Effectiviteit en efficiëntie
Waar klassieke ondernemingen hun logistiek via geijkte KPI’s (key performance indicators) aftoetsen, gelden voor Defensie andere maatstaven. “We moeten altijd effectief zijn, waar mogelijk ook efficiënt. Het komt er dus altijd in eerste instantie op aan om te doen wat we moeten doen. Kostenefficiëntie vooropplaatsen, ligt bovendien niet altijd voor de hand. Om een idee te geven: voor sommige troepenbewegingen hebben we op dagelijkse basis gemiddeld 164 kubieke meter brandstof nodig. Daarbij komt nog dat Oost-Europa bekendstaat als een brandstofwoestijn, met een veel minder sterk uitgewerkt netwerk van pijpleidingen. Dan is de dagelijkse herbevoorrading van brandstof een grote uitdaging. Naast praktische overwegingen stellen we vanzelfsprekend veiligheid voorop. Bij logistiek transport zal de veiligheidsdimensie altijd boven het kostenplaatje primeren.”

Bij veel operaties kampt Defensie met externe hinderpalen. “De regelgeving, infrastructuur en nationale uitzonderingen vertragen en bemoeilijken de stroom van militair personeel en materieel. Zo moet elke militaire colonne altijd goed herkenbaar zijn. Jammer genoeg verschillen de vereiste herkenningstekens vaak van land tot land. Al te vaak moeten we die aan bepaalde landsgrenzen verplaatsen, toevoegen of wegnemen. Dat is niet meer van deze tijd. Bovendien is de digitalisering nog niet ingevoerd voor de militaire transporten. Zo moesten we vorig jaar - bij aankomst van een schip met Amerikaanse troepen en 3.500 voertuigen en containers in een Europese haven - evenveel documenten invullen. Aangezien het cargomanifest alle noodzakelijke informatie al bevat, wekt dat de nodige frustratie op.”

“In sommige landen moeten we dan weer maanden vooraf toestemming vragen voor bepaalde militaire transporten. Tegen de tijd dat we daar zijn, is de oorlog bij wijze van spreken al voorbij. Ik ervaar dus een nood aan meer flexibiliteit binnen de bestaande regelgeving. Daarnaast zijn veel bruggen, wegen en spoorrails niet geschikt voor zware militaire voertuigen. Of om het met een populaire quote in militaire kringen uit te drukken: ‘We have to fight to get to the fight’.”

Dronelogistiek
Naar analogie met de burgerlogistiek omarmt Defensie innovatie en digitalisering. “Binnen Defensie hechten we veel belang aan Command and Control (C2), of de coördinatie van onze troepen met behulp van informatie, netwerken en communicatiemiddelen. Onze operaties gaan namelijk gepaard met talloze transportbewegingen van mensen, voertuigen, wapens en levensmiddelen. Om die bewegingen maximaal op te volgen, maken we gebruik van track-and-tracetechologie. In geval van nood kunnen we altijd terugvallen op manuele processen. Want hoe verder je trekt, hoe groter de kans dat satellieten het laten afweten.”

Drones zijn aan het front al vele jaren ingeburgerd, maar de generaal-majoor ziet ook potentieel voor de logistieke bevoorrading. “Logistiek is een levenslijn voor elke operatie. Wanneer de vijand erin slaagt om je bevoorradingslijnen af te snijden, raak je al snel in de problemen. Daarom kijken we naar nieuwe technologieën om meer flexibiliteit en snelheid te creëren. Een mogelijkheid bestaat erin brandstof en munitie via drones tot diep aan de frontlinies te transporteren.”

“Wat het mooie is aan Defensie? Wanneer er iets moet gebeuren, dan doen we dat gewoon én met succes.”

Flexibiliteit en aanpassingsvermogen
D’Hert stelt vast dat de logistieke operaties binnen de commerciële wereld en Defensie sterker naar elkaar toegroeien. “Dat gebeurt op verschillende vlakken. Binnen Defensie is het just-in-timeprincipe dodelijk. Wij mogen niet riskeren dat we onze troepen niet langer kunnen bevoorraden. Veel commerciële ondernemingen houden er na de coronacrisis en de recente geopolitieke conflicten ook liever een bufferstock en alternatieve toevoerlijnen op na.”

Binnen de logistieke organisatie van Defensie zijn niet enkel militairen aan de slag. Het Belgische leger rekruteert voor diverse rollen burgerprofielen. “Die medewerkers zetten we enkel in voor niet-operationele functies. Voor de meeste functies is de interesse groot en vinden we vrij snel versterking. Maar voor meer technische taken verloopt dat soms moeizamer. Als mecanicien sleutel je namelijk niet aan standaardauto’s, maar aan voertuigen met een veelal grotere techniciteit.”

Verouderd materiaal en uitrusting, onderfinanciering … De berichtgeving rond het Belgische leger was de voorbije jaren niet altijd onverdeeld positief. Toch countert D’Hert graag die negatieve perceptie. “Wat Defensie typeert, is een groot aanpassingsvermogen en een hoge flexibiliteit. Toen de coronacrisis uitbrak, vroeg verantwoordelijk minister Philippe De Backer mij om de distributie en logistiek in een zo kort mogelijke tijd te organiseren. ‘Hoe je dat moet doen, weet ik niet. Maar dat is wat ik verwacht’, voegde hij er nog aan toe. Ik liet hem weten dat het mij meer tijd zou kosten om het plan op papier te zetten dan het daadwerkelijk uit te voeren. Na drie dagen was de volledige keten al operationeel. Ik herinner mij nog dat op een gegeven moment 99 containers met beschermingsmateriaal rondreden. Die hadden we allemaal bevoorraad vanuit het militair kwartier in Peutie. Niet met robots en kranen, maar met de handen van onze mensen. Net dat vind ik zo mooi: wanneer er iets moet gebeuren, dan doen we dat gewoon én met succes.” (KD)

Nieuwsbrief

Wenst u op de hoogte te blijven van alles wat reilt en zeilt binnen de supply chain wereld? Registreer dan nu GRATIS op de Value Chain nieuwsbrieven.

Registreer NU

Magazines

U wenst zich te abonneren op de Value Chain Management magazines (print en online) en wenst toegang tot alle gepubliceerde content op onze website? Abonneer NU!

Abonneer NU

Supply Chain Innovations

Hét jaarlijkse netwerkevent voor elke supply chain professional!

Lees meer
Cookies accepteren

Wij houden rekening met uw privacy

We gebruiken cookies om uw surfervaring te verbeteren, gepersonaliseerde advertenties of inhoud weer te geven en verkeer te analyseren. Door op "Alles accepteren" te klikken, stemt u in met ons gebruik van cookies.